Ouderraad

Ouderraad

Oosterzele:
Voorzitter: Veerle Michiels
e-mail: ordeschakel.oosterzele@gmail.com

Balegem:
Voorzitter: Kris De Mulder
Rooigemstraat 47
9860 Balegem
0498/82.52.08
e-mail: johan.verstraete5@telenet.be

Scheldewindeke:
Voorzitter: Helen Roelants
Sint-Kristoffelstraat 14
9860 Scheldewindeke
0498/97.92.83
e-mail : helenroelants@hotmail.com

Koepel voor Ouderverenigingen van het Officieel Gesubsidieerd Onderwijs: KOOGO

De ouderraad helpt het opvoedingsproject van de school realiseren. Het verwoordt de zorgen en suggesties van de ouders en staat de directeur en de leerkrachten met raad en daad bij waar dit gewenst en haalbaar is.

Ouderlijk gezag in onderwijsaangelegenheden

Bij de eerste inschrijving van het kind melden de ouders aan de directeur of zij al dan niet het ouderlijk gezag over het kind gezamenlijk uitoefenen. Indien de directeur een vermoeden heeft dat de ouders het ouderlijk gezag niet gezamenlijk uitoefenen of dat één van de ouders handelt zonder de toestemming van de andere ouder kan hij nadere informatie en eventueel een ondertekende verklaring vragen waarin de ouders de juiste informatie inzake uitoefening van het ouderlijk gezag verschaffen.

De directeur geeft in dergelijke gevallen een overzicht van de respectievelijke bevoegdheden aan beide ouders.

Het ouderlijk gezag geldt enkel ten aanzien van minderjarigen die de Belgische nationaliteit hebben. Ontvoogde minderjarigen zijn niet aan het ouderlijk gezag onderworpen. Voor minderjarige leerlingen van vreemde nationaliteit geldt het eigen nationaal stelsel van personen en familierecht.

Samenlevende ouders

Elke ouder die alleen een handeling stelt die verband houdt met het ouderlijk gezag wordt geacht te handelen met instemming van de andere ouder. Dit geldt voor gehuwde samenlevende ouders als voor niet gehuwde samenlevende ouders. Heeft de directeur of een personeelslid van de school het vermoeden dat die stilzwijgende toestemming ontbreekt dan zal hij zijn medewerking weigeren.

Niet-samenlevende ouders

– Wanneer de ouders niet samenleven, blijven zij het ouderlijk gezag gezamenlijk uitoefenen  (co-ouderschapregeling). Ook hier geldt het ver­moe­den van in­stem­ming van de afwezige ouder,  wanneer de andere ouder alleen een rechtshandeling betreffende het kind stelt. Heeft de direc­teur of  een personeelslid van de school het vermoeden dat die stil­zwijgende toestemming ontbreekt dan zal hij zijn mede­werking weige­ren tot er toestemming is van de tweede ouder.

– In afwijking van de co-ouderschapregeling kan de bevoegde rechter het ouderlijk gezag uitsluitend  opdragen aan één van beide ouders. Hij kan ook een tussenoplossing uitwerken waarbij voor  bepaalde beslissingen met betrekking tot de opvoeding van het kind de in­stem­ming van beide ouders  vereist is terwijl voor het overige één ouder alleen verantwoor­delijk is. De school zal op voorlegging  van een dubbel van de rechter de regeling volgen.

Binnen een exclusief ouderlijk gezag, behoudt de ouder die niet het ouderlijk gezag uitoefent het recht om toezicht uit te oefenen op de opvoeding. Dit houdt in dat hij op de hoogte wordt gehouden van de schoolresultaten en schoolverrichtingen. Het geeft evenwel geen beslis­singsrecht in verband met de opvoeding.

De regeling voor niet-samenlevende ouders is van toepassing op:

–          feitelijk gescheiden echtparen;
–          uit de echt gescheiden ouders;
–          ouders die vroeger samenleefden;
–          ouders die nooit hebben samengeleefd.

Ontzetting uit het ouderlijk gezag

Door een rechterlijke beslissing kan een ouder worden ontzet uit het ouderlijk gezag. Deze ouder heeft geen beslissingsrecht in verband met de opvoeding en evenmin een

recht op informatie. De school zal de regeling volgen na voorlegging van een dubbel van het vonnis waaruit de ontzetting blijkt.

De directeur moet de wetgeving inzake ouderlijk gezag bij alle beslissingen in verband met de opvoeding van de leerlingen naleven o.m.

–          bij de inschrijving van de leerlingen;
–          bij de keuze van een levensbeschouwelijk vak of de vrijstelling daarvan;
–          bij orde- en tuchtmaatregelen;
–          keuzes i.v.m. de schoolloopbaan van het kind (bv. overzitten of niet).
–          bij de schoolverrichtingen in het algemeen.